24 Als nu de boden van Johannes weggegaan waren, begon Hij tot de scharen van Johannes te zeggen: Wat zijt gij uitgegaan in de woestijn te aanschouwen? Een riet, dat…
1 En al de tollenaars en de zondaars naderden tot Hem, om Hem te horen. 2 En de Farizeën en de Schriftgeleerden murmureerden, zeggende: Deze ontvangt de zondaars, en eet…
1 Nadat Hij nu al Zijn woorden voleindigd had, ten aanhore des volks, ging Hij in te Kapernaum. 2 En een dienstknecht van een zeker hoofdman over honderd, die hem…
41 En Zijn ouders reisden alle jaar naar Jeruzalem op het feest van pascha. 42 En toen Hij twaalf jaren oud geworden was en zij naar Jeruzalem opgegaan waren, naar…
1 EN al de tollenaars en de zondaars naderden tot Hem om Hem te horen. 2 En de farizeeën en de schriftgeleerden murmureerden, zeggende: Deze ontvangt de zondaars, en eet…
1 EN al de tollenaars en de zondaars naderden tot Hem om Hem te horen. 2 En de farizeeën en de schriftgeleerden murmureerden, zeggende: Deze ontvangt de zondaars, en eet…
17 Maar Hij, kennende hun gedachten, zeide tot hen: Een ieder koninkrijk, dat tegen zichzelf verdeeld is, wordt verwoest; en een huis, tegen zichzelf verdeeld zijnde, valt. 18 Indien nu…
1 En Hij zeide ook een gelijkenis tot hen, daartoe strekkende, dat men altijd bidden moet, en niet vertragen; 2 Zeggende: Er was een zeker rechter in een stad, die…
11 En Hij zeide: Een zeker mens had twee zonen. 12 En de jongste van hen zeide tot den vader: Vader, geef mij het deel des goeds dat mij toekomt.…
11 En Hij zeide: Een zeker mens had twee zonen. 12 En de jongste van hen zeide tot den vader: Vader, geef mij het deel des goeds dat mij toekomt.…
1 EN al de tollenaars en de zondaars naderden tot Hem om Hem te horen. 2 En de farizeeën en de schriftgeleerden murmureerden, zeggende: Deze ontvangt de zondaars, en eet…
1 EN al de tollenaars en de zondaars naderden tot Hem om Hem te horen. 2 En de farizeeën en de schriftgeleerden murmureerden, zeggende: Deze ontvangt de zondaars, en eet…
11 En Hij zeide: Een zeker mens had twee zonen. 12 En de jongste van hen zeide tot den vader: Vader, geef mij het deel des goeds dat mij toekomt.…
11 En Hij zeide: Een zeker mens had twee zonen. 12 En de jongste van hen zeide tot den vader: Vader, geef mij het deel des goeds dat mij toekomt.…
36 En als zij van deze dingen spraken, stond Jezus Zelf in het midden van hen, en zeide tot hen: Vrede zij ulieden. 37 En zij verschrikt en zeer bevreesd…








